INHOUDSOPGAVE
1. Toelichting
2. Definities en verklaring van symbolen
3. Koppelingen naar relevante tabellen en artikelen
4. Bronnen en methoden
5. Meer informatie
1. TOELICHTING
Deze tabel bevat gegevens over grondgebruik, akkerbouw, tuinbouw, grasland, graasdieren en hokdieren, op nationaal niveau naar (hoofd)bedrijfstype. Voor alle onderwerpen wordt zowel het telgegeven (oppervlakte, aantal dieren), als het bijbehorend aantal bedrijven gepresenteerd.
De gegevens voor deze tabel komen uit de landbouwtelling. De landbouwtelling maakt deel uit van de gecombineerde opgave, die onder meer gebruikt wordt voor de uitvoering van het landbouwbeleid en handhaving van de Meststoffenwet.
De peildatum voor het aantal dieren is 1 april; de peildatum voor de gewassen is 15 mei.
Gegevens beschikbaar vanaf: 2000
Status van de cijfers: de cijfers van 2025 zijn voorlopig, de overige cijfers zijn definitief.
Wijzigingen per 28 november 2025: de voorlopige cijfers van 2025 zijn toegevoegd.
Met ingang van 2025 hebben voedselbossen een SO-waarde gekregen. Daarom worden voedselbossen nu ingedeeld onder cultuurgrond in plaats van niet-cultuurgrond.
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Volgens de reguliere planning verschijnen in november de voorlopige cijfers en in maart van het jaar daarna volgen de definitieve cijfers.
2. DEFINITIES EN VERKLARING VAN SYMBOLEN
Definities:
SO: Standaard Opbrengst.
Een gestandaardiseerde maat voor de economische omvang van agrarische bedrijven, gebaseerd op de opbrengst die gemiddeld op jaarbasis per gewas of diercategorie wordt behaald.
Per gewas en diercategorie worden SO-normen vastgesteld, deze zijn gebaseerd op gemiddelde waarden over een periode van vijf jaar, en worden om de drie jaar geactualiseerd.
Het middelste jaar geldt als referentiejaar bij de aanduiding van de SO-normen (zo is de SO2010 gebaseerd op de jaren 2008 tot en met 2012).
De SO van een bedrijf is de som van de totale SO van alle gewassen en dieren.
SO wordt uitgedrukt in euro's.
Standaard Bedrijfsindeling 2008 (SBI 2008):
De Nederlandse hiërarchische indeling van economische activiteiten die door het CBS wordt gebruikt om bedrijfseenheden in te delen naar hun hoofdactiviteit. De SBI 2008 is de versie die vanaf 2008 gebruikt wordt.
“Bedrijfstak” of “branche” zijn gangbare termen voor groepen van bedrijven met dezelfde hoofdactiviteit. Het CBS hanteert voor de indeling van bedrijven naar hoofdactiviteit de zogenoemde Standaard Bedrijfsindeling (SBI). Bedrijven in een bedrijfstak of branche kunnen naast deze activiteit ook andere activiteiten (nevenactiviteiten) uitoefenen.
De SBI 2008 kent meerdere niveaus die aangegeven worden door maximaal vijf cijfers. Het niveau van vier cijfers komt vrijwel overeen met de indeling van de Europese Unie (NACE = Nomenclature général des Activités économiques dans les Communautés Européennes). De eerste twee cijfers komen overeen met die van de indeling van Verenigde Naties (ISIC = International Standard Industrial Classification of All Economic Activities).
Verklaring van symbolen:
niets (blanco) : het cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. : het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
* : voorlopige cijfers
** : nader voorlopige cijfers
3. KOPPELINGEN NAAR RELEVANTE TABELLEN EN ARTIKELEN
Relevante tabellen:
Meer informatie uit de landbouwtelling vanaf 2000:
Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar regio.
Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar gemeente.
Landbouw; arbeidskrachten naar regio.
Meer informatie uit oudere jaren van de landbouwtelling:
Landbouw; gemeente, 1980 - 2000.
Landbouw; bedrijfstype, regio, 1992 - 2000.
Let op: alleen afzonderlijke gewassen en diertypen kunnen rechtstreeks vergeleken worden met de informatie in de tabellen vanaf 2000; gewas- en diergroepen zijn veelal anders samengesteld.
Meer informatie over de omvang van de veestapels:
Rundveestapel.
Varkensstapel.
Relevante artikelen:
Meer informatie over SO en de nieuwe bedrijfstypering:
SO en NSO-typering
Meer informatie over de Standaard Bedrijfsindeling:
Standaard BedrijfsIndeling.
Meer informatie over het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid:
Gemeenschappelijk landbouwbeleid.
4. BRONNEN EN METHODEN
De onderzoeksmethode van deze tabel is te vinden in de onderzoeksbeschrijving Landbouwtelling.
Met ingang van 2025 hebben voedselbossen een SO-waarde gekregen. Daarom worden voedselbossen nu ingedeeld onder cultuurgrond in plaats van niet-cultuurgrond.
In 2022 maken paarden, pony’s en ezels geen onderdeel uit van de Landbouwtelling. Dit heeft invloed op de bedrijfstypering en het totaal aantal landbouwbedrijven in de Landbouwtelling. Bedrijven met paarden en pony's die eerder ingedeeld werden bij 'paard -en ponybedrijven' worden in 2022, als er naast het houden van paarden en pony's ook nog landbouwactiviteiten zijn, ingedeeld bij een ander bedrijfstype. Dit heeft met name effect op graasdierbedrijven en 'akkerbouwbedrijven met vooral voedergewassen', hier treedt een duidelijke trendbreuk op.
Met ingang van 2020 geldt de SO2017, gebaseerd op de jaren 2015 tot en met 2019 (zie ook de toelichting bij SO: Standaard Opbrengst).
Met ingang van 2018 wordt het aantal vleeskalveren, vleesvarkens, kippen en kalkoenen bijgesteld bij tijdelijke leegstand op de peildatum. Voor de bijstelling wordt gebruik gemaakt van de opgave van voorgaand jaar.
De Landbouwtelling is een structuur enquête, daarin is een bijstelling bij tijdelijke leegstand o.a. van belang voor de bepaling van het bedrijfstype en de economische omvang van de bedrijven.
Bij de omvang van de veestapels is het aantal dieren op de peildatum van belang, daarom worden de dieraantallen in de veestapeltabellen niet bijgesteld bij tijdelijke leegstand.
Als gevolg hiervan kunnen er verschillen optreden tussen de dieraantallen in de Landbouwtellingstabellen en de veestapeltabellen (zie ‘koppeling naar relevante tabellen en artikelen’).
Met ingang van 2017 worden de dieraantallen in toenemende mate afgeleid uit I&R registers (Identificatie en Registratie van dieren), in plaats van d.m.v. directe uitvraag in de Gecombineerde Opgave. De I&R registers vallen onder verantwoordelijkheid van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). Sinds 2017 worden de rundvee aantallen afgeleid uit I&R-rund, en vanaf 2018 worden ook schapen, geiten en pluimvee afgeleid uit de betreffende I&R registers. De registratie van rundvee, schapen en geiten vindt rechtstreeks bij RVO plaats. Pluimvee gegevens worden ingewonnen via de aangewezen databank Koppel Informatiesysteem Pluimvee (KIP) van Avined. Avined is een brancheorganisatie voor de eier- en pluimveevleessector. Avined geeft de gegevens door aan de centrale database van RVO.nl. Door de overgang naar het gebruik van I&R registers treedt er voor schapen en geiten vanaf 2018 een wijziging in de indeling op.
Met ingang van 2016 wordt voor de afbakening van de Landbouwtelling gebruik gemaakt van informatie uit het Handelsregister. Inschrijving in het Handelsregister met een agrarische SBI (Standaard BedrijfsIndeling) is leidend bij de bepaling of er sprake is van een landbouwbedrijf. Met deze afbakening wordt zo nauw mogelijk aangesloten bij de statistische verordeningen van Eurostat en de (Nederlandse) implementatie van het begrip 'actieve landbouwer' uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).
De afbakening van de Landbouwtelling op basis van informatie uit het Handelsregister heeft vooral invloed op het aantal bedrijven, hier treedt een duidelijke trendbreuk op. De invloed op arealen (behalve bij niet-cultuurgrond en natuurlijk grasland) en de dieraantallen (behalve bij schapen, en paarden en pony's) zijn beperkt. Dit heeft met name te maken met het soort bedrijven dat bij de nieuwe afbakening wordt uitgesloten (zoals maneges, kinderboerderijen en natuurbeheer organisaties).
Met ingang van 2010 wordt een nieuwe norm voor de economische omvang van bedrijven en een nieuwe bedrijfstypering gehanteerd. Tot en met 2009 werd de economische omvang van agrarische bedrijven uitgedrukt in NGE (Nederlandse Grootte-Eenheid). Met ingang van 2010 is dit vervangen door SO (Standaard Opbrengst). Hierdoor wijzigt de ondergrens voor opname van bedrijven in de publicatie van de Landbouwtelling van 3 nge in 3000 euro SO.
Voor vergelijkbaarheid in de tijd zijn de gegevens van 2000 tot en met 2009 herberekend op basis van SO-normen en -indelingen. SO-normen worden om de drie jaar geactualiseerd. De meest recente actualisatie vond plaats in 2016; bij de herberekening zijn de SO-normen uit 2010 gehanteerd.
Met ingang van 2025 hebben voedselbossen een SO-waarde gekregen. Daarom worden voedselbossen nu ingedeeld onder cultuurgrond in plaats van niet cultuurgrond.
5. MEER INFORMATIE
Infoservice
Copyright (c) Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen
Verveelvoudiging is toegestaan, mits het CBS als bron wordt vermeld.