Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken, 2014-2021
Gewijzigd op: 4 maart 2022
- Horizontale staaf
- Let op: selectie wordt aangepast
Grafische presentatie
Delen
Gekopieerd naar klembord
- Tabeltoelichting
- Onderwerpen/classificaties
Tabelinformatie
Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken, 2014-2021
INHOUDSOPGAVE 1. Toelichting 2. Definities en verklaring van symbolen 3. Koppelingen naar relevante tabellen en artikelen 4. Bronnen en methoden 5. Meer informatie 1. TOELICHTING Deze tabel bevat cijfers over de ervaren gezondheid en medische contacten van de Nederlandse bevolking vanaf 0 jaar in particuliere huishoudens. De cijfers kunnen worden uitgesplitst naar diverse persoonskenmerken. Voor enkele onderwerpen geldt een afwijkende leeftijdsafbakening. Deze leeftijden worden bij de betreffende onderwerpen vermeld. Gegevens beschikbaar van 2014 tot en met 2021 Status van de cijfers: definitief Wijzigingen per 6 januari 2023: Geen. Deze tabel wordt stopgezet. Wanneer komen er nieuwe cijfers? Niet meer van toepassing. Deze tabel is opgevolgd door de tabel Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken. Zie paragraaf 3. 2. DEFINITIES EN VERKLARING VAN SYMBOLEN: Definities: Particulier huishouden. Een particulier huishouden bestaat uit één of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar niet-bedrijfsmatig voorzien in dagelijkse levensbehoefte. Verklaring van de in de tabel gebruikte symbolen: niets (blanco) : het cijfer kan op logische gronden niet voorkomen . : het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim * : voorlopige cijfers ** : nader voorlopige cijfers 3. KOPPELINGEN NAAR RELEVANTE TABELLEN EN ARTIKELEN Relevante tabellen: Deze tabel wordt opgevolgd door: Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken Gezondheid, leefstijl en gezondheidszorg; vanaf 1900 Gezondheid en zorggebruik; geslacht, leeftijd, persoonskenmerken Gezondheid, aandoeningen, beperkingen; persoonskenmerken, 2010-2013 Gezondheid, aandoeningen, beperkingen; leeftijd en geslacht, 2010-2013 Medische contacten, ziekenhuisopname, medicijnen; pers. kenmerken, 2010-2013 Medische Contacten, opnamen, medicijnen; leeftijd, geslacht, 2010-2013 Gezondheid, leefstijl, zorggebruik; 2000-2009 Leefstijl en (preventief) gezondheidsonderzoek; persoonskenmerken Kwartaalcijfers (ervaren) gezondheid, zorggebruik en leefstijl Meer informatie is te vinden op de themapagina Gezondheid en Welzijn 4. BRONNEN EN METHODEN De beschrijving van het onderzoek is te vinden bij: Korte onderzoeksbeschrijving Gezondheidsenquête In 2014 is er een herontwerp van de gezondheidsenquête geweest. Dit heeft als gevolg dat sommige cijfers vanaf dat jaar niet meer goed vergelijkbaar zijn met cijfers over eerdere jaren. Een beschrijving van de veranderingen en de opgetreden methodebreuken vindt u in deze nota. In het statistiekjaar 2020 werd de waarneming voor de Gezondheidsenquête verstoord door de coronacrisis. In een deel van het jaar was niet mogelijk om aan huis interviews af te nemen en kwam er dus alleen via internet respons binnen. Om hiermee om te kunnen gaan is het weegmodel van de Gezondheidsenquête aangepast voor het jaar 2020. Daarbij is gebruik gemaakt van tijdreeksmodellen om te kunnen corrigeren voor het wegvallen van een deel van de waarneming. Meer informatie hierover kunt u vinden in deze nota. Ook in 2021 had de waarneming voor de Gezondheidsenquête te kampen met verstoringen, als gevolg van corona(maatregelen). Daar is op dezelfde manier mee omgegaan als in 2020. 5. MEER INFORMATIE Infoservice Copyright (c) Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen Verveelvoudiging is toegestaan, mits het CBS als bron wordt vermeld.
-
Onderwerpen
-
Ervaren gezondheid: goed of zeer goed
Percentage personen met antwoordcategorie 'goed' of 'zeer goed' op de vraag 'Hoe is over het algemeen uw gezondheid / de gezondheid van uw kind?' Voor kinderen tot 12 jaar wordt deze vraag beantwoord door een van de ouders of verzorgers.
-
Psychisch ongezond, 12 jaar of ouder
Percentage personen van 12 jaar of ouder dat minder dan 60 scoort op de Mental Health Inventory (MHI) voor adolescenten vanaf 12 jaar en volwassenen. De cijfers hebben betrekking op de 'Mental Health Inventory 5' ofwel 'MHI-5'. Dit is een internationale standaard voor een specifieke meting van de psychische gezondheid, bestaande uit 5 vragen. De MHI-5 is feitelijk een deelschaal van de Short Format 36 ofwel SF-36, een uitvoerige internationale standaard voor de meting van gezondheid. De MHI-5 betreft vragen die steeds betrekking hebben op hoe men zich in de afgelopen 4 weken voelde. Gevraagd is: 1. Voelde u zich erg zenuwachtig? 2. Zat u zo erg in de put dat niets u kon opvrolijken? 3. Voelde u zich kalm en rustig? 4. Voelde u zich neerslachtig en somber? 5. Voelde u zich gelukkig? Iedere vraag heeft de volgende 6 antwoordcategorieën: voortdurend-meestal-vaak-soms-zelden-nooit. Bij de positief geformuleerde vragen van de MHI vragenlijst (vraag 3 en 5) zijn voor de antwoordcategorieën in volgorde de waarden 5, 4, 3, 2, 1, en 0 toegekend. Bij de negatief geformuleerde vragen (vraag 1, 2 en 4) zijn precies de omgekeerde waarden toegekend. Vervolgens zijn per persoon de somscores berekend en zijn deze vermenigvuldigd met 4, zodat de minimale somscore van een persoon 0 (zeer ongezond)en de maximale score 100 (perfect gezond) kan bedragen. Bij een score van 60 of meer is een respondent gekwalificeerd als psychisch gezond en bij een score van minder dan 60 als psychisch ongezond.
-
Angst, 12 jaar of ouder
-
Angstige periode, ooit
Het percentage mensen van 12 jaar of ouder dat met ‘ja’ antwoordt op de vraag ‘Heeft u ooit een periode gehad waarin u erg angstig of bezorgd was, minstens 2 weken achter elkaar?’
-
Angstige periode, afgelopen 12 maanden
Het percentage mensen van 12 jaar of ouder dat met ‘ja’ antwoordt op de vraag ‘Heeft u ooit een periode gehad waarin u erg angstig of bezorgd was, minstens 2 weken achter elkaar?’ en met ‘ja’ antwoordt op de vervolgvraag ‘Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad?’.
-
-
Langdurige aandoeningen
Aan alle respondenten wordt gevraagd: Heeft u / uw kind één of meer langdurige ziekten of aandoeningen? Langdurig is (naar verwachting) 6 maanden of langer. Vervolgens worden 23 aandoeningen en een restcategorie 'overige aandoeningen' voorgelegd en gevraagd of mensen deze aandoening in de afgelopen 12 maanden hebben gehad. Van drie van die aandoeningen wordt ook gevraagd of men die ooit heeft gehad. Daarnaast wordt (uitgebreider) gevraagd naar suikerziekte (diabetes). De meeste vragen naar specifieke langdurige aandoeningen worden aan personen van alle leeftijden gesteld. Aandoeningen die niet vaak voorkomen bij jongeren worden gesteld aan personen van 12 jaar of ouder.
-
1 of meer langdurige aandoeningen
Percentage personen met de antwoordcategorie 'ja' op de vraag: Heeft u / uw kind één of meer langdurige ziekten of aandoeningen? Langdurig is (naar verwachting) 6 maanden of langer.
-
-
Beperkingen
Beperkingen Er worden 3 indicatoren voor lichamelijke beperkingen berekend: a De OESO-indicator voor personen van 12 jaar of ouder en b De ADL-indicator voor personen vanaf 55 jaar en. c de iADL-indicator voor personen vanaf 55 jaar. Daarnaast wordt een globale vraag over beperkingen gesteld (GALI-indicator).
-
Personen met een GALI beperking
Percentage personen dat vanwege problemen met de gezondheid sinds 6 maanden of langer beperkt is in activiteiten die mensen / kinderen gewoonlijk doen. Deze internationaal gebruikte en afgestemde indicator voor gezondheidsbeperking wordt de GALI-indicator genoemd. GALI staat voor Global Activity Limitation Indicator. Deze indicator wordt bepaald voor personen van 4 jaar of ouder. In 2014 werd deze indicator bepaald aan de hand van 2 vragen, in 2015 zijn beide vragen in 1 vraag gecombineerd. Dit lijkt de uitkomst echter niet of nauwelijks te hebben beïnvloed.
-
-
Medische contacten
Aan personen wordt gevraagd of zij contact hebben gehad met de huisarts, de specialist, de tandarts, de mondhygiënist, de orthodontist , de fysio- en oefentherapeut, de psycholoog, psychotherapeut of psychiater, en of zij behandeld zijn door een alternatief genezer. Ook wordt gevraagd naar ziekenhuisopnamen of dagopnamen, of mensen thuiszorg hebben ontvangen of dat ze zorg in het buitenland hebben gehad. De meeste vragen naar medische contacten worden aan personen van alle leeftijden gesteld. Contacten die niet vaak voorkomen bij kinderen worden gesteld vanaf een hogere leeftijd.
-
Contact met huisarts
Contacten met de huisarts zijn bezoeken aan de huisartspraktijk, huisbezoeken en telefonische consulten. Contacten met een vervangende huisarts of met de huisartsenpost tellen hierbij ook mee. Contacten met de praktijkondersteuner en de praktijkverpleegkundige tellen niet mee. Gevraagd wordt naar contacten in de 12 maanden voorafgaand aan de enquêtedatum. De vragen worden aan respondenten van alle leeftijden gesteld.
-
Personen met minimaal 1 contact
Percentage personen in de bevolking dat minimaal 1 keer in de 12 maanden voorafgaand aan de enquêtedatum contact heeft gehad.
-
-
-
-
Persoonskenmerken
-
Totaal personen
-
Geslacht: Mannen
-
Geslacht: Vrouwen
-
Leeftijd: 0 tot 4 jaar
-
Leeftijd: 4 tot 12 jaar
-
Leeftijd: 12 tot 16 jaar
-
Leeftijd: 16 tot 20 jaar
-
Leeftijd: 20 tot 30 jaar
-
Leeftijd: 30 tot 40 jaar
-
Leeftijd: 40 tot 50 jaar
-
Leeftijd: 50 tot 55 jaar
-
Leeftijd: 55 tot 65 jaar
-
Leeftijd: 65 tot 75 jaar
-
Leeftijd: 75 jaar of ouder
-
Laag onderwijsniveau
Het hoogstbehaald onderwijsniveau is laag onderwijs. Dit omvat onderwijs op het niveau van basisonderwijs, het vmbo, de eerste 3 leerjaren van havo/vwo en de entreeopleiding, de voormalige assistentenopleiding (mbo1). Het betreft hier mensen van 25 jaar en ouder.
-
Middelbaar onderwijsniveau
Het hoogstbehaald onderwijsniveau is middelbaar onderwijs. Dit omvat de bovenbouw van havo/vwo, de basisberoepsopleiding (mbo2), de vakopleiding (mbo3) en de middenkader- en specialistenopleidingen (mbo4). Het betreft hier mensen van 25 jaar en ouder.
-
Hoog onderwijsniveau
Het hoogstbehaald onderwijsniveau is hoog onderwijs. Dit omvat onderwijs op het niveau van hbo of wo. Het betreft hier mensen van 25 jaar en ouder.
-
-
Marges
-
Waarde
-
-
Perioden
-
2021
-
Toon opties
Marges
Waarde
Perioden
2021
Persoonskenmerken
Laag onderwijsniveau
Middelbaar onderwijsniveau
Hoog onderwijsniveau
Totaal personen
Geslacht: Mannen
Geslacht: Vrouwen
Leeftijd: 0 tot 4 jaar
Leeftijd: 4 tot 12 jaar
Leeftijd: 12 tot 16 jaar
Leeftijd: 16 tot 20 jaar
Leeftijd: 20 tot 30 jaar
Leeftijd: 30 tot 40 jaar
Leeftijd: 40 tot 50 jaar
Leeftijd: 50 tot 55 jaar
Leeftijd: 55 tot 65 jaar
Leeftijd: 65 tot 75 jaar
Leeftijd: 75 jaar of ouder
Variabelen kunnen gesleept worden naar de kop, rijen of kolommen van de tabel. In de kop is maar één item van een variabele te selecteren.
| ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ||||||||
| Ervaren gezondheid: goed of zeer goed | Psychisch ongezond, 12 jaar of ouder | Angst, 12 jaar of ouder Angstige periode, ooit | Angstige periode, afgelopen 12 maanden | Langdurige aandoeningen 1 of meer langdurige aandoeningen | Beperkingen Personen met een GALI beperking | Medische contacten Contact met huisarts Personen met minimaal 1 contact | |
| % | ||||||||
Totaal personen | 80,5 | 15,1 | 28,4 | 16,2 | 30,5 | 28,4 | 62,1 | |
Geslacht: Mannen | 82,2 | 12,1 | 23,4 | 12,4 | 28,4 | 25,3 | 56,7 | |
Geslacht: Vrouwen | 78,8 | 18,1 | 33,3 | 20,0 | 32,7 | 31,4 | 67,5 | |
Leeftijd: 0 tot 4 jaar | 96,5 | . | . | . | 6,5 | . | 61,0 | |
Leeftijd: 4 tot 12 jaar | 98,2 | . | . | . | 10,5 | 7,8 | 39,7 | |
Leeftijd: 12 tot 16 jaar | 92,1 | 7,8 | 13,3 | 8,3 | 10,6 | 8,6 | 44,3 | |
Leeftijd: 16 tot 20 jaar | 87,7 | 20,6 | 19,9 | 16,6 | 13,0 | 13,4 | 58,2 | |
Leeftijd: 20 tot 30 jaar | 85,7 | 20,5 | 34,7 | 23,1 | 21,8 | 17,9 | 61,4 | |
Leeftijd: 30 tot 40 jaar | 83,0 | 16,5 | 33,7 | 19,4 | 24,3 | 20,9 | 63,7 | |
Leeftijd: 40 tot 50 jaar | 80,4 | 14,7 | 31,6 | 17,6 | 30,8 | 25,4 | 61,9 | |
Leeftijd: 50 tot 55 jaar | 75,1 | 17,4 | 31,8 | 17,1 | 39,0 | 35,1 | 63,8 | |
Leeftijd: 55 tot 65 jaar | 73,0 | 13,7 | 30,5 | 15,7 | 42,7 | 39,0 | 67,9 | |
Leeftijd: 65 tot 75 jaar | 70,8 | 10,1 | 22,7 | 11,4 | 48,6 | 43,5 | 69,2 | |
Leeftijd: 75 jaar of ouder | 62,9 | 13,1 | 19,9 | 9,2 | 54,2 | 57,0 | 76,0 | |
Laag onderwijsniveau | 64,1 | 17,8 | 25,3 | 15,8 | 43,6 | 45,9 | 69,6 | |
Middelbaar onderwijsniveau | 77,1 | 13,1 | 30,1 | 16,5 | 38,4 | 34,3 | 65,4 | |
Hoog onderwijsniveau | 83,5 | 12,9 | 31,5 | 15,3 | 32,3 | 25,0 | 65,2 | |
Bron: CBS